MBTZ Logo

De restauratie van het Hollandia-complex vordert!

Met Stoom - Nr. 38 Februari 2001

Deel 2 Naar deel 2

De historische Zaanwand bij de Zaanbrug in Wormer vormt ťťn van de meest gezichtbepalende elementen van de Zaanstreek. Deze gevelwand langs de Veerdijk bestaat (gezien vanaf de Zaanbrug) uit de gebouwencomplexen Batavia, Saigon, Bassein, Hollandia en Java. In de afgelopen jaren zijn door de verschillende eigenaren van de panden ingrijpende renovatieacties in gang gezet. Inmiddels heeft het cafť-restaurant Batavia zich ontwikkeld tot een prominente ontmoetingsplaats in de Zaanstreek. Het bouwbedrijf Somass is gevestigd in het pand Bassein (gespecialiseerd in bouwkundige restauraties en nieuwbouw in de oud-Zaanse stijl). De panden Bassein en Java zijn eigendom van de heer Constant en vormen een toevluchtsoord voor heel wat kunstenaars met hun ateliers.

Door Albert Boes

  Het Hollandia Complex  
  De Zaanwand, zoals die er in het jaar 1902 uit zag met links Hollandia.
(Afbeelding ter beschikking gesteld door de Stichting Hollandia)
 

Het gebouwencomplex Hollandia (bestaande uit de panden Hollandia I, Hollandia II en Hollandia III) is het grootste van de vijf. In 1994 begon de 'Stichting Hollandia' – die eigenaar van dit complex is – met een zeer ambitieus restauratieplan. Het complex is nu inwendig grotendeels gerenoveerd en 80% van het complex is verhuurd aan onder andere reclamebureaus, die er zeer representatief uitgevoerde bedrijfsruimten hebben.
In het jaar 2000/2001 wordt de buitenkant stevig onder handen genomen. Zo wordt nu het karakteristieke torentje herbouwd en dit zal binnenkort weer met een luidklok worden uitgevoerd.

Historie

De historie van de monumentale bedrijfspanden gaat terug tot 1 maart 1872 toen de heren J.A. Laan, R.A. Laan en F. Bloemendaal de firma Bloemendaal & Laan stichtten. Doelstelling was de exploitatie van rijst- en oliemolens en de handel in de daarmee geproduceerde artikelen.
Aanvankelijk vonden de productieactiviteiten plaats in Zaanse windmolens en pas later deed de stoomaandrijving zijn intrede. De eerste stap die richting was de bouw van de stoomrijstpellerij Hollandia. De oorsprong daarvan lag in het pakhuis Hollandia dat in 1877 werd gebouwd.

In de volgende decennia veranderde dit pand verschillende keren van omvang. Zo werd in 1888 de watertoren aan de achterzijde aangebouwd in verband met de geÔnstalleerde sprinkler (automatische brandblusinstallatie). De gezichtsbepalende klokkentoren, die een onderdeel vormt van voorgevel, dateert uit 1900. In 1901 werd een (nieuwe) stoommachine aangekocht. Deze werd geÔnstalleerd in een nieuw ketelhuis, gesitueerd achter het bestaande pand (nķ Hollandia III), waarin de met antraciet gestookte stoomketel, voorzien van een verwarmingsoppervlak van 120 m2. Deze ketel leverde stoom met een temperatuur van 300 graden Celsius bij 12,5 bar. Per dag ging er tot zo'n 4000 kg kolen doorheen. De door Stork in Hengelo gebouwde stoommachine was uitgerust met een vliegwiel dat een diameter van vijf meter had en een gewicht van 15 ton.

Zeven polsdikke rubberen snaren dreven de hoofdas aan ten behoeve van de aandrijving van de maalstenen en de pel- en doppenmolens van de pellerij. Verder dreef de stoommachine die 80 slagen per uur maakte, de dynamo voor de elektriciteitsvoorziening van de fabriek aan.

Met lede ogen zagen machinist Bruin en stoker Schoen dat de energievoorziening van de fabriek na de Tweede Wereldoorlog werd overgenomen door het P.E.N., omdat dit een stuk voordeliger uit kwam.

Aan de rijstpellerij van Bloemendaal & Laan kwam tussen 1950 en 1960 een einde, waarna de panden gaandeweg leeg kwamen te staan en de verwaarlozing toesloeg. Daardoor werd een werknemer in het begin van de jaren zestig getroffen door een stuk steen van de gevel dat naar beneden viel. Op last van de gemeente Wormer werden omstreeks 1965 de stenen sierranden, de luidklok en de siervazen van de panden gehaald. De topranden werden gerepareerd en voorzien van geglazuurde afdekpannen.

In 1972 werd het gehele complex door de beleggingsmaatschappij Bloemendaal & Laan verkocht. Op 13 juni 1978 sloot Wessanen de rijstpellerij De Unie, verderop aan de Veerdijk gelegen. Ondanks veel verzet werd in oktober 1978 begonnen met de sloop van De Unie en enige andere naburige fabriekspanden (zoals de voormalige vestiging van Machinefabriek De Verwachting).

Gova Trucks

Een jaar voordat begonnen werd met de sloop van De Unie, had de KrommeniŽer J. Pot de panden Hollandia I, II en III aangekocht (op 2 mei 1977). Aanvankelijk werden de panden gebruikt voor de productie van winkelwagens door GOVA Trucks B.V. en de opslag van onderdelen daarvan (zie Met Stoom/Anno 1961 van september 1999). Deze activiteiten waren ondergebracht in het pand Hollandia II en het voormalige ketelhuis Hollandia III (aan de achterzijde van het complex).

De overige ruimten en de zolders werden niet gebruikt omdat ze slecht te bereiken waren en omdat er in praktisch alle (houten) vloeren ontelbare gaten zaten. Door de leegstand van het pand, van vůůr 1965 tot 1975, verkeerde het complex in een slechte bouwkundige staat. Veel ramen waren ingeslagen, waardoor duiven en andere vogels vrij spel hadden in de voormalige fabrieksruimten.

Op de vijfde verdieping van Hollandia II was de gehele vloer die bestond uit 100 grenen balken en 225 m2 grenenhout volledig verwijderd. Blikseminslag in de schoorsteen had de randen daarvan aangetast en enige stalen ringen waren naar beneden gekomen.

De gemeente Wormer, diverse groeperingen en het provinciaal bestuur van Noord–Holland maakten zich in het begin van de jaren '80 sterk om de historische gevelwand in Wormer te behouden en het geheel op de provinciale monumentenlijst te plaatsen, wat op 8 juli 1986 voor het pand Hollandia het geval was.

De heer J. Pot die oorspronkelijk het Hollandiacomplex had gekocht in verband met het gunstig gelegen grondoppervlak, was het niet toegestaan de opstallen te slopen. Een voorstel om appartementen of kantoren in het complex aan te brengen, werd aanvankelijk afgewezen, omdat het gebied toen nog een industriebestemming had. Omdat alleen op de begane grond industriŽle activiteiten mogelijk waren, kon slechts een klein deel van de gebouwen daarvoor gebruikt worden. De financiŽle lasten waren echter wel aanzienlijk, zoals verzekeringen, belastingen en onderhoud.

Omdat er aanvankelijk geen omlijnd plan voor de bestemming van het complex voorhanden was, werden onderhoudswerkzaamheden aanvankelijk vrij willekeurig aangepakt (zoals hier en daar een gietijzeren raam aan te pakken en te voorzien van nieuw glas). Werk was (en is) er genoeg in dit "spannende" gebouwencomplex! De heer Pot bracht uiteindelijk in 1980 de panden onder in de "Stichting Hollandia" met als doelstelling de gebouwen te onderhouden en in stand te houden. In die periode ontstond er ook belangstelling bij verschillende bedrijven om gedeelten van het pand Hollandia I (aan de Zaan gelegen) te huren. Van een rendabele situatie wat betreft de huuropbrengsten was echter aanvankelijk geen sprake.

Deel 2 Naar deel 2

De stoommachine van rijstpellerij Hollandia
De enorme stoommachine die de rijstpellerij Hollandia aandreef.
(Afbeelding ter beschikking gesteld door de Stichting Hollandia)
Bouwkundig detail
Bouwkundig detail
Bouwkundige details in het zwaar vervallen Hollandia-complex, waarbij na de renovatiewerkzaamheden de unieke historische constructie werd gehandhaafd.
(Afbeelding ter beschikking gesteld door de Stichting Hollandia)