Het Veem

Geschiedenis van en herinneringen aan een legendarisch bedrijf

Klaas Abraham Knaap
Uitgeverij Lectori Salutem te Zaandam, 2004.
ISBN 90-76973-13-x

Door Jur Kingma

Voor de meeste mensen zal een veem niet anders zijn dan een pakhuis. Maar een veem vervult echter een belangrijke schakel in de handelsketen. In een veem kunnen goederen worden opgeslagen om beleend te kunnen worden, om inklaring uit te stellen, om te laten controleren of om te laten distribueren. Net als de industrie vormt het veem een belangrijke schakel in de verdeling van grondstoffen tot eindproducten.

De geschiedenis van het Zaans Veem gaat terug tot 1820 toen de familie de Boer de gortpelmolen de Boerenjonker in het Oosterzijderveld in gebruik had. Geleidelijk werden de zaken uitgebreid met graanhandel en handel in onroerend goed. Er werden pakhuizen in de Koog en op 't Kalf aangekocht. In 1890 richtten twee neven de Boer de Firma H. de Boer Jbz op. Zij waren kooplieden, korenfactors, en handelden in zakken, cacao en andere zaken. Er werden steeds meer houten pakhuizen gekocht. Vanaf 1910 werd op het schiereiland Hemmes een nieuw complex van moderne loodsen gebouwd te beginnen met Insulinde, later Japan, Akyab en West-Indie.
In 1927 werd het bedrijf gesplitst en ging de zakkenhandel als zelfstandig bedrijf verder. In 1937 werd de N.V. Zaansch Veem H. de Boer Jbz opgericht. In de oorlog speelde het Veem een belangrijke functie bij het verzet tegen de Duitsers. Na de oorlog kreeg het Zaansch Veem een grote rol bij de distributie van hulpgoederen in het kader van het Marshall plan.

Na de Tweede wereldoorlog werden overbodig geworden stenen fabrieken als pakhuis in gebruik genomen. Hierbij waren o.a. de verffabriek “Rembrandt”, de cacaofabriek TOC maar ook de panden Nederland & Czaar Peter van de rijstpellerij Kamphuys. Ook de panden die nu de Zaanwand in Wormer vormen waren op enig moment onderdeel van het Zaans Veem. In 1976 werd een nieuwe loods Malkka gebouwd in de Achtersluispolder.
Net als veel Zaanse bedrijven verloor het Zaans Veem zijn familiekarakter. In 1964 werd het Zaans Veem overgenomen door het Blauwhoedenveem. Het bedrijf zou daarna nog enige malen van juridische eigenaar verwisselen. Het bedrijf maakt nu deel uit van Furness logistics Zaandam.

De schrijver kwam in 1963 als jongste bediende in dienst van het Zaans Veem. Dat was na een mislukte schoolopleiding op de VGLO en een baantje bij de stijfselfabriek de Bijenkorf. Het boek beschrijft zijn leven bij het bedrijf. Veel aandacht word besteed aan zijn rol als brandweerman. De schrijver geeft een aardig beeld van de opgang in zijn loopbaan wanneer hij voor het eerst op een Kaptein Mobylette de post mag rond brengen. Later mag hij in de Opel Record rond rijden en het rond rijden met de brandweerauto is een hoogtepunt in de loopbaan. Het boek geeft een aardig inzicht in de functie van een veembedrijf. Ook de menselijke verhoudingen worden duidelijk beschreven waarbij de schrijver niet schroomt om man en paard te noemen. Zijn eigen emoties steekt hij niet onder stoelen of banken.

Het boek werd gepresenteerd op de “open archieven dag”. Het Archief Zaanstad had een tentoonstelling gewijd aan fabrieksbranden. De brand in Czaar Peter en Nederland 50 jaar geleden geldt nog steeds als de spectaculairste Zaanse brand. In 1974 verbrandden de panden Japan en Grote Kaar die vol met cacao lagen. In 2003 ging de grote cacaoloods van Furness logistics in vlammen op.

De panden op de Hemmes zijn gesloopt. De Hemmes is een van de mogelijke locaties voor een Zaanse museumhaven. Zaans Veem heeft er al enige tijd een winterstalling voor plezierboten gehad. En het Zaans Veem vormde de thuishaven van de kustvaarder Hondsbosch die de Zaan-Londen lijn onderhield.
Sommige foto's zijn twee keer afgedrukt in het boekje. Een index ontbreekt. Er is wel een alfabetisch naamregister van medewerkers.