Canal Canal  
 

'Canal d'Ille-et-Rance' dwars door Bretagne

 
kaartje Canal

Het 'Canal d'Ille-et-Rance' verbindt in Bretagne Rennes, de hoofdstad van Bretagne, met de havenstad Saint-Malo. Het kanaal loopt voornamelijk door de bedding van een aantal gekanaliseerde rivieren en riviertjes zoals de Ille en de Rance. Meerdere kleinere riviertjes zorgen voor de voeding van het kanaal. In het heuvelachtige gebied moet het kanaal een hoogte overwinnen van 65 m. Daarvoor zijn er tussen St. Malo en Rennes, in het bijna 85 km lange kanaal, 48 sluizen gebouwd.

Bij La Madeleine, 1 km ten noorden van het dorpje Hédé, wordt in 11 sluizen ruim 27 m hoogte overwonnen. Deze sluizen liggen bijna allemaal minder dan 200 m van elkaar. Rondom de sluizen in Hédé liggen, op het hoogste punt van het kanaal, drie reservoirs waaruit het kanaal gevoed kan worden; Etang de Hédé, Etang de La Bézardière en Etang de Bazouges.

Dit stuk van het kanaal is ook het enige 'kunstmatige'(gegraven) gedeelte. Bij Evran, ruim 24 km ten noorden van Hédé, komt het gegraven kanaal in de bedding van de rivier 'la Rance'. En in Montreuil Sur Ille, bijna 11 km oostelijk van Hédé, gaat het kanaal verder in de bedding van l'Ille in de richting van Rennes.

Na Rennes gaat het kanaal verder via de gekanaliseerde Vilaine. Bij Redon kruist het kanaal een ander bijzonder monument: 'Canal de Nantes à Brest'.

De aanleg van het kanaal is in 1804 begonnen onder Napoleon. De eerste plannen voor een doorvaart door Bretagne dateren echter al vanuit de zestiende eeuw. In die tijd was Bretagne economisch welvarend. De havens werden druk gebruikt. Aan het einde van de vijftiende eeuw was Bretagne zijn onafhankelijkheid kwijtgeraakt en was het onderdeel geworden van Frankrijk. Belangrijke handelsroutes via de nieuwe zeeroutes over Atlantische Oceaan vanuit Frankrijk maakte gebruik van de havens in Bretagne. De drukste havens waren St. Malo, Nantes en Lorient, sinds 1666 de basis voor de Franse Oost-Indische Compagnie.

De economische activiteiten werden aan het einde van de zeventiende eeuw echter verstoord door conflicten met Engeland. In 1693 vielen de Engelsen St. Malo aan. De blokkade door de Engelsen van de diverse zeehavens leidde uiteindelijk tot de oprichting in 1782 van een 'comité voor de binnenvaart' in Bretagne. Op 31 oktober 1784 presenteerde het comité aan koning Lodewijk XVI een overzichtkaart met de mogelijke projecten om de handelssteden bereikbaar te houden.

Door de Franse Revolutie, waarbij Lodewijk XVI in 1792 werd afgezet, was het niet mogelijk het werk te beginnen. Pas in het begin van negentiende eeuw, lukte het om het landsbelang van deze projecten aan te tonen. Op 11 februari 1804 werd, onder nieuwe dreigingen van Engelse zeeblokkades, door Napoleon opdracht gegeven met de aanleg van de kanalen te beginnen.

De werken werden aangelegd tussen de lente van 1804 en herfst 1832 en liepen grote vertragingen op door de oorlog en veranderingen in de diplomatieke betrekkingen tussen Frankrijk en Engeland. De spoorlijn Parijs–Brest werd in 1865 voltooid.

De verdere uitbreidingen van het spoorwegnet en de aanleg van verkeerswegen hebben, in het begin van de twintigste eeuw, het kanaal overbodig gemaakt. Maar het is, met al z'n kunstwerken toch in stand gebleven en deels weer gerestaureerd. De aken zijn vervangen door watersporters en de jaagpaden worden nu gebruikt door fietsers en wandelaars. L'Institution du Canal d'Ille et Rance Manche Océan Nord (ICIRMON) is nu verantwoordelijk voor het beheer, onderhoud, planning en ontwikkeling van het toerisme rondom het kanaal.

Doordat de Loire niet meer aansluit op de overige kanalen in Frankrijk blijft het vaargebied beperkt tot Bretagne. Onderstaande beeldreportage toont echter aan dat er voor de (maritieme) toerist bijzonder veel valt te genieten.

 

Promenade des Onze Écluses

Een wandeling langs 11 sluizen in het 'Canal d'Ille et Rance'

 
  //breedte en hoogte //achtergrond kleur //tekst die in statusbar verschijnt //text bij mouse-over //letter grootte //url die geopned moet worden //target ( welk venster ) //pause // // //doel plaatje een ( naam ) //etc //aantal plaatjes Please activate Java...

De rust van een nazomerdag in september trekt in 22 plaatjes aan U voorbij... !

 

Dinan, een havenstad aan het 'Canal d'Ille et Rance'

Het stadje Dinan is door de hoog oprijzende rotswand aan de oevers van de Rance altijd van strategisch belang geweest. Versterkingen op en rond deze natuurlijke verdedigingswand beschermde het achterland tegen invallen vanuit zee over de rivier de Rance.

Bovendien kende de stad al vanaf de dertiende eeuw een zekere welvaart door de zeehandel met Vlaanderen en Engeland. Voornaamste ambacht was de weverij, export product was het linnen laken. Na een teruggang in de economische ontwikkeling, voornamelijk door de Bretonse successieoorlogen in het midden van de veertiende eeuw, bloeide de handel vanaf de zestiende eeuw weer op. De stad beleefde in de zeventiende en achttiende eeuw weer een nieuw tijdperk van bloei. Dat is goed te zien aan de fraaie vakwerkwerkhuizen, kerken en kloosters uit die periode. In de achttiende eeuw zijn het vooral wevers, met de productie van doek dat vooral gebruikt werd voor de zeilen van de schepen naar St. Malo en in de Rance vallei, die voor de groei van de economie zorgen.

In de negentiende eeuw verloor de haven haar belang na de bouw van een brug in 1852 die de stad over de weg bereikbaar maakte, en met de komst van de spoorweg in 1879. In stad verschijnen dan zeer veel indrukwekkende huizen, terwijl de stad zelf geleidelijk wordt omgevormd tot vakantieoord, vooral populair bij de Britten.

  Rance Rance  
 

Van de handelsvloot die Dinan ooit rijkdom bracht is niets meer over. De vrachtvaarders zijn vervangen door plezierboten, die op hun beurt weer voor een nieuwe bron van inkomsten zorgen. Aan de Rue du Quai zijn diverse terrassen en uitstekende restaurants. Op verschillende niveaus kan men via bruggen of een viaduct de Rance oversteken. Op de voorgrond een brug over de Rance uit de vijftiende eeuw.

 
  Dinan Dinan  
 

De hoofdverkeersweg vanuit de haven met de brug over de Rance ging, tot het gereedkomen van het viaduct, door de Rue du Petit Fort via de Porte du Jerzual uit de veertiende eeuw en de Rue du Jerzual, naar de hoger gelegen binnenstad. Aan deze straten staan nog fraaie voorbeelden van Bretonse vakwerkhuizen.

La Pomenade des Vieux Ponts

Via het jaagpad langs het 'Canal d'Ille et Rance' van Dinan naar L'Abbaye St. Magloire uit de negende eeuw in het dorpje Lehon. De wandelroute begint bij de oude brug over de Rance. Via de oude brug bij Lehon kan weer worden teruggewandeld naar Dinan.

 
  Canal Dinan Canal Dinan  
  Canal Dinan Canal Dinan  
 

Het kanaal slingert, onder het stadje Dinan door een bosrijk natuurgebied.

Ecluse Léhon (47)

Dit is de voorlaatste sluis stroomafwaarts van de gekanaliseerde Rance. De laatste sluis ligt bijna 8 km verder, bij het dorp Livet.

 
  Ecluse 47  
 

L'Abbaye St. Magloire in Léhon

Direct aan de oever van het kanaal ligt dit prachtig gerestaureerde klooster.

 
  Klooster Lehon Klooster Lehon  
 

Le Vieux Pont de Léhon

Via deze brug kan men het dorpje Lehon inwandelen. Daar kan men een bezoek brengen aan het klooster en de daarbij behorende kloosterkerk. Het complex bestaat al ruim 10 eeuwen, dat is goed af te lezen aan de verschillende bouwstijlen. De kloosterkerk heeft in ieder geval Romaanse kenmerken.

 
  Lehon  
  Klooster klooster  
 

Bretonse plattelandsarchitectuur

In Lehon staat, vlak bij het kanaal, een typisch voorbeeld van de Bretonse plattelandsarchitectuur. Kenmerken zijn bijvoorbeeld de smalle, spaarzaam aangebrachte ramen, die zijn omlijst met uitgehakte stenen. De hoeken van de huizen worden verstevigd door grotere blokken uitgehouwen steen. De schoorstenen zijn in de puntgevels gebouwd.

 
  Lehon  
 

Bateau sur le Canal d'Ille et Rance

In diverse plaatsen langs het kanaal zijn verhuur bedrijven waar de mooiste drijvende hotelkamers gehuurd kunnen worden. Ondanks het beperkte vaargebied, spreken de meeste veruurders over het netwerk van kanalen in Bretagne met een totale lengte van 1100 km. Tussen al die verhuurbedrijven vond ik slechts één ondernemer die een originele vrachtvaarder, de 'Amor', te huur aan bood.

 
  huurvloot  

Het 'Canal d'Ille et Rance' kan worden beschouwd als één groot geïntegreerd toeristisch en educatie project. Een complete natte infrastructuur wordt al bijna een eeuw in stand gehouden om toeristen naar dit gebied te trekken. Een kanaal met ruim 270 kunstwerken zoals sluizen en sluiswachterwoningen, bruggen en reservoirs. Niet alleen de watertoerist maakt er gebruik van. Langs het gehele kanaal liggen prachtige fiets- en wandelpaden. In de stadjes en dorpen aan de oevers van het kanaal staan tientallen gerestaureerde monumenten zoals kerken, kloosters en kastelen.
Zou zoiets langs de Zaan in de toekomst ook mogelijk zijn? Tot nu toe verdwijnen er alleen maar delen van deze mooie infrastructuur langs de Zaan.

Naslagwerk

  • La Bretagne des Canaux – ISBN 2–7373–4928–1
  • Le Canal d'Ille et Rance – Un patrimoine architectural dans un cadre de charme ISBN 2–907019–43–0
Door: Cees Kingma - April 2010
Beeldmateriaal: Archief Cees Kingma
Valid HTML 4.01 Transitional